Leven met (chronische) pijn en vermoeidheid




UITGANGSPUNT


Wanneer je voortdurend last hebt van pijn, is dat erg frustrerend. Het gooit je leven en de plannen die je had voor de toekomst overhoop. bovendien is chronische pijn een aanslag op je vertrouwen en op je plezier in het leven. Gevoelens van machteloosheid, boosheid, angst of verdriet komen regelmatig voor bij de pijn. Het zal daarom je diepste wens zijn om weer zonder pijn te leven. 'Als ik de pijn maar overwonnen heb' kan ik weer het leven leiden dat ik graag wil leiden; is vaak de gedachte. Waarschijnlijk heb je van alles gedaan om van je pijn af te komen. Misschien dat sommige behandelingen of medicijnen je iets geholpen hebben. Maar kennelijk is dit niet voldoende geweest.



Op een andere manier omgaan met je pijn


Hoewel het moeilijk te verkroppen kan zijn, geldt voor veel langdurige pijnklachten dat er vaak geen afdoende oplossing is voor de pijn.

Je blijven verzetten tegen de pijn helpt in dat geval dan ook niet en werkt averechts. Wat je ook doet, de pijn komt even hard weer terug en kan op den duur zelfs toenemen. Daarbij is de kans groot dat je dagelijkse strijd tegen de pijn je steeds verder afvoert van het leven dat je diep van binnen eigenlijk zou willen leiden. Dit betekent dat je steeds minder bezig bent met de dingen die voor jou echt van belang of waardevol zijn. En dat bezorgt op den duur voor veel leed!


In plaats van de strijd aan te gaan tegen de pijn, leer je beter de pijn te aanvaarden en toe te laten in je dagelijks leven. Het uitgangspunt is dat je datgene gaat doen wat jij belangrijk of leuk vindt.Ongeacht er nu wel of geen pijn is. In plaats van de pijn centraal te stellen en de pijn de regie over je leven te laten voeren, leer je juist de inhoud van je leven centraal te stellen, zodat je weer het leven kunt leiden dat je graag wilt leiden.



Pijn hoort bij het leven


Pijn hoort bij het leven. Het kan zelfs levensgevaarlijk zijn als je geen pijn kunt voelen. stel je voor dat je nooit pij hebt, dan zou je gemakkelijk verwondingen of brandwonden oplopen. Het is goed dat je pijn hebt, omdat pijn een signaal is waardoor je snel reageert wanneer je je bezeert, iedereen heeft dus wel eens pijn. Meestal gaat de pijn na een tijd weer over, maar pijn kan ook lang aanhouden. Een op de vijf volwassenen in Europa heeft in zijn leven langdurig pijn (zes maanden of langer) last van pijnklachten. Dit kan het leven op een vervelende manier beïnvloeden.



Definitie van pijn


De internationale organisatie die pijn bestudeert, heeft pijn gedefinieerd als: 'Een onaangename gewaarwording en emotionele ervaring die gepaard gaat met weefselschade, mogelijke weefselschade of die wordt omschreven in termen van dergelijke schade'. Soms kan er dus sprake zijn van een beschadiging in het lichaam, maar dat hoeft niet altijd. En verder betekent het dat we niet alleen iets onaangenaams ervaren, maar ook dat we daar emotioneel op reageren. Dat is natuurlijk logisch. uit de definitie blijkt ook dat pijn subjectief is. Er hoeft geen beschadiging te zijn om pijn te ervaren en er is geen test beschikbaar om objectief vast te stellen of iemand pijn heeft.


De pijndrempel, het moment waarop mensen pijn voelen, kan wel min of meer objectief worden vastgesteld. De pijndrempel verschilt van persoon tot persoon. Ook kunnen mensen een prikkel pijnlijk vinden die ze op een ander moment niet als pijnlijk beoordelen. Stemming lijkt daarbij een rol te spelen; wanneer iemand somber is, ervaart hij een prikkel als snel als pijnlijk terwijl je minder pijn ervaart als je je ontspannen of prettig voelt.

Kortom, pijn is een complexe ervaring die ons leven behoorlijk kan ontwrichten; pijn is moeilijk te meten en alleen degene die pijn heeft kan aangeven dat hij pijn heeft.



Chronische pijn


Pijn wordt als chronisch beschouwd als die langer dan drie maanden aanhoudt. Mensen met aandoeningen zoals artrose kunnen chronische pijn hebben. Ook kan regelmatig terugkerende pijn een symptoom zijn van een chronische aandoening als reumatoïde artritis. Bij deze aandoeningen is er weefselschade of een ontsteking in het lichaam aan te wijzen. Na behandelingen tegen kanker kun je chronische pijnklachten houden. Bij veel mensen die chronische pijnklachten hebben, wordt de pijn niet langer veroorzaakt door beschadigd weefsel. In die gevallen is er een ontregeling van het zenuwstelsel. Om dit uit te leggen, moeten we eerst wat meer over het zenuwstelsel vertellen.


  • Een model van het zenuwstelsel en pijn

Bij pijn wordt het zenuwstelsel vaak vergeleken met een alarmsysteem: het waarschuwingssignaal wordt via het telefoonnet doorgestuurd naar de alarmcentrale, en daar worden maatregelen getroffen. Letsel kun je vergelijken met het waarschuwingssignaal. De zenuwen in ons lichaam kun je vergelijken kun je vergelijken met het telefoonnet. Het centraal zenuwstelsel - dat wil zeggen het ruggenmerg en de hersenen - wordt vergeleken met de alarmcentrale. Bij letsel gaat het alarmsysteem in werking: de waarschuwing gaat via de zenuwen naar het centraal zenuwstelsel en vervolgens zorgen ons ruggenmerg en onze hersenen ervoor dat we ons zo gedragen dat verder letsel wordt voorkomen en dat we goed kunnen herstellen.


Bovengenoemd model kan goed verklaren hoe we acute pijn ervaren. dit model kan echter niet verklaren waarom mensen pijn blijven houden als het letsel is hersteld of waarom mensen pijn kunnen hebben zonder letsel. Veel mensen met chronische pijn voelen zich daarom onbegrepen.

'Als dokters niks kunnen vinden, zul je wel geen pijn hebben', zo is de redenering. En als je dan toch pijn hebt, vindt men dat je je aanstelt, overgevoelig bent of dat de pijn psychisch is. Vanuit het model van het alarmsysteem lijkt er iets mis met de persoon die chronische pijn heeft.


We kunnen je geruststellen. Er is iets mis met de veronderstelling dat er altijd een beschadiging moet zijn om pijn te kunnen ervaren!

We geven een paar voorbeelden om dit te verduidelijken. Zo kan er beschadiging in het lichaam zijn zonder pijn, zoals bij de onopgemerkte groei van een verwoestende tumor. Maar ook de sporter die in het midden van de de wedstrijd letsel oploopt, voelt de pijn pas in de kleedkamer. Omgekeerd kunnen mensen na een amputatie pijn ervaren in het lichaamsdeel dat er niet meer is en hebben veel mensen na een spannende dag hoofdpijn zonder dat er sprake is van letsel. En hoe kan het dat zo veel kinderen weer vrolijk weg huppelen met een kusje of snoepje op hun kapot gevallen knie? Het zenuwstelsel is eerder een levend systeem dan een alarmsysteem en pijn kan samenhangen met andere factoren dan weefselbeschadiging. Dit wordt hierna verder uitgelegd.


  • Het zenuwstelsel is altijd in beweging

De laatste tientallen jaren is veel onderzoek gedaan naar het zenuwstelsel. Daarin is ontdekt dat ons zenuwstelsel geen vaststaand systeem is dat niet meer verandert gedurende het leven, zoals het model van de alarmcentrale suggereert. Het blijkt dat het zenuwstelsel ons hele leven verandert onder invloed van onze ervaringen. Dit wordt plasticiteit genoemd: onder invloed van wat we meemaken en leren, ontstaan er nieuwe verbindingen tussen onze zenuwcellen en/of worden andere gebieden in de hersenen ingezet. Als we iets nieuwe leren, zijn er andere gebieden in de hersenen actief dan wanneer we het geleerde automatisch kunnen uitvoeren.


Zo worden bij het toedienen van een pijnlijke prikkel andere gebieden in de hersenen actief dan bij chronische pijn. De veranderingen in het zenuwstelsel treden niet alleen op in onze hersenen maar in het gehele traject dat een prikkel aflegt in het zenuwstelsel. Door regelmatige pijnprikkels kunnen verbindingen tussen zenuwcellen als het ware inslijpen en kan er bij een minder sterke prikkel al pijn worden ervaren.

Ook kunnen er steeds meer zenuwcellen bij het netwerk betrokken raken, waardoor je pijn op andere plaatsen voelt dan op de oorspronkelijke plaats.


Als deze veranderingen optreden wordt dat sensitisatie genoemd. Je kunt het vergelijken met een korenveld. Als daarin nog niemand heeft gelopen, kun je willekeurig lopen. Maar na de eerste keer kun je geknakte korenaren zien en is het gemakkelijker om het spoor van je voorganger te volgen. Als er heel wat mensen hebben gelopen, raakt het weggetje zo ingelopen dat je nauwelijks nog de neiging krijgt een ander pad te kiezen en kun je het pad sneller lopen dan je voorgangers.



Conditionering en pijn


Hoe gek het misschien ook lijkt, bij pijn is er ook sprake van leren. Er zijn twee manieren van leren:


1- Ten eerste leer je de betekenis van een prikkel doordat hij samen voorkomt met een andere prikkel.

Dit principe komt ook voor bij pijn. Als iemand die regelmatig rugklachten heeft veel meer pijn krijgt wanneer hij te lang zit, dan raakt de pijn geassocieerd met lang zitten. Wanneer hij dan in een situatie komt waarin hij lang moet zitten, bijvoorbeeld op een verjaardagsfeestje, dan kan er al pijn optreden voordat hij is gaan zitten, op den duur kan hij pijn gaan associëren met verjaardagsfeestjes. Omdat mensen kunnen praten en denken, kan het denken aan een verjaardagsfeestje al voldoende zijn om de pijn op te roepen.


2- De tweede manier van leren is leren van de gevolgen van ons gedrag.

Als ons gedrag beloond wordt, zullen we het de volgende keer sneller doen. Volgt er een straf of blijft iets leuks uit, dan zullen we het gedrag juist minder vertonen. Zonder dat we het weten reageert ons lichaam volgens dit principe.


Waarom vertellen we dit? Omdat dezelfde principes werkzaam kunnen zijn bij het omgaan met pijn. Wanneer iemand met chronische pijn steeds wacht met slikken van pijnstillers totdat de pijn ondragelijk is, komt ondraaglijke pijn steeds eerder voor. Het is alsof je het lichaam leert dat het een pijnstiller krijgt wanneer het hard schreeuwt. Sommige mensen negeren de pijn en worden juist actiever als ze pijn ervaren. Bezig blijven helpt op korte termijn om de pijn niet te voelen. op de lange duur kan het extreem negeren van pijnsignalen en altijd actief worden bij pijn leiden tot uitputting en spanning. Hierdoor wordt de pijn juist sterker gevoeld..



Definities Somatische Symptoomstoornissen


Er is sprake van somatisch onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten (SOLK) als lichamelijke klachten langer dan enkele weken duren en als er bij adequaat medisch onderzoek geen aandoening is gevonden die de klachten voldoende verklaart. SOLK is per definitie geen stoornis. Dat verandert als de SOLK langer dan zes maanden voortduurt en aanleiding geeft tot leed en aanzienlijke beperkingen in het sociale en maatschappelijke functioneren (somatische-symptoomstoornis).


Of de reactie van de patiënt buitensporig is, is ter beoordeling van de therapeut/psycholoog. Deze zal daarbij bewust of onbewust een somatische verklaring van de klachten of de afwezigheid ervan laten meespelen. SOLK komt veel voor en het overgrote deel van de patiënten met SOLK voldoet niet aan de criteria voor een somatische-pijnstoornis. Zij maken zich niet, of nog niet, buitensporige zorgen.


Somatisch onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten (SOLK) zijn lichamelijke klachten waarvoor (nog) geen duidelijke medische verklaring is gevonden, of een medische oorzaak de klachten onvoldoende volledig kan verklaren.


Het kan onder meer gaan om de volgende klachten:

  • Pijn op de borst
  • Hoofdpijn, buikpijn en rugpijn
  • Vermoeidheid, duizeligheid en slapeloosheid


Wanneer een op somatisch lijden gerichte benadering door de huisarts niet mag baten en deze geen kans ziet een meer psychologische benadering door de patiënt geaccepteerd te krijgen, volgen vaak heilloze verwijzingen naar medische specialisten.

Een psychologische behandeling is er onder meer op gericht onnodig verder medisch onderzoek te stoppen en de patiënt anders te leren omgaan met zijn klachten. Door de aard van de klachten is het soms moeilijk om deze patiënten te overtuigen van de zin en waarde van hulp zoeken bij de gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg. Praktijk de brug naar morgen werkt vanuit het biopsychosociale model. Dit houdt in dat er naast de lichamelijke factoren gekeken wordt naar mogelijke psychologische- en sociale factoren die de klachten in stand zouden kunnen houden.



Somatoforme stoornis


Denk hierbij aan o.a.:

  • Hypochondrie
  • Whiplashsyndroom
  • Fibromyalgie
  • Chronischevermoeidheidssyndroom


Een somatoforme stoornis is een psychische aandoening waarbij een persoon lichamelijke klachten heeft waarvoor geen somatische oorzaak (lichamelijke ziekte) gevonden is. De patiënt ervaart reële lichamelijke klachten, die niet ingebeeld zijn. De klachten zijn niet bewust of doelbewust nagebootst. Soms is de relatie met psychische oorzaken te leggen, maar niet altijd.


Vaak is de ontregeling van het stressregulatiesysteem betrokken bij het ontstaan en in stand blijven van de klachten. De diagnose somatoforme stoornis wordt niet gesteld als de lichamelijke klachten verklaard kunnen worden door een andere psychische aandoening, bijvoorbeeld een depressieve stoornis of een angststoornis. In bepaalde gevallen wordt achteraf toch nog een somatische ziekte vastgesteld bij patiënten met een somatoforme stoornis. dit noopt bij de behandeling van dergelijke beelden altijd tot een tweesporenbeleid, waarbij zowel somatische als psychologische factoren worden meegenomen in de beoordeling. De bekendste somatoforme stoornis is waarschijnlijk hypochondrie, waarbij de patiënt doorlopend bang is een ernstige ziekte te hebben.


Voorbeeld van een aandoening die als somatisch onverklaard is aangemerkt is het whiplashsyndroom. Fibromyalgie wordt ook als somatisch onverklaard aangemerkt, maar zijn door de WHO (wereldgezondheidsorganisatie) erkend als somatische ziekte.

Het chronischevermoeidheidssyndroom (ME) wordt niet meer als somatisch onverklaard aangemerkt, maar is ondertussen (2018) erkend als somatische ziekte.



* Heeft u vragen over 'Chronische pijn en vermoeidheid'? Neem vrijblijvend contact op met onze praktijk.